Den bock (door André Leemans)


In deze herenhoeve werd oorspronkelijk naast een landbouwbedrijf ook een kleine brouwerij gevestigd uitgebaat door de Familie Steppe. Minstens drie generaties baatten zij  hier naast het gebruikelijke landbouwbedrijf een geuze en lambiekbrouwerij uit. Er werd ook bockbier gebrouwen (een licht witbier). Joannes Steppe (brouwer-pachter) (°1810-1871) was gehuwd met Maria Joanna Evenepoel (1811-1894).

De familie Steppe was een gekende meiseniersfamilie.  Meiseniers waren voor de franse revolutie vrije boeren die met getuigen (stavers) hun meiseniersbrief verkregen in de schepenbank van Grimbergen (abdij).

Uit de  familie Steppe stamden niet alleen boeren en brouwers maar ook kosters, klerken, assessoren, maalders, olieslagers en schoolmeesters. Zij waren reeds geletterd in die tijd.

Hij werd opgevolgd door zijn zoon Petrus Steppe (1836-1880) die gehuwd was met Sophia Rooseleer (1836-1910). Hun huwelijk bleef kinderloos na twee kinderen die stierven bij de geboorte.

Vooraleer verkocht te worden aan de huidige eigenaars was de hoeve bewoond door de familie De Roock.  Eduardus De Roock (1886) was gehuwd met Maria Evenepoel (1883). Deze bewoners van de hoeve waren geen brouwers meer maar voornamelijk hopboeren. Hun dochter Delphine De Roock (1908) was de laatste uitbaatster van de hoeve.  Zij werd hierbij geholpen een inwonende knecht door iedereen gekend als “kooël” Segers.  Zij overleed bij haar zus in Merchtem in 1972.